Onderwijs

Docent muziek

Op mijn 21e werd ik Docent Muziek. Ik had voornamelijk klik met kinderen van de basisschool, dus daar ging ik aan de slag. Het hoppende muziekdocent-leven zorgde ervoor dat ik, met één keer per week lesgeven, nauwelijks een band kon opbouwen met de kinderen. Ik vond dat erg jammer en besefte me dat ik met muziek maar een klein stukje van de kinderen zou zien. Ik werkte op meerdere basisscholen en had ik eigenlijk geen vaste werklocatie. Ik mistte het teamgevoel. Voor mij was het tijd voor actie: deeltijd-pabo.

Groepsleerkracht

Na twee jaar Pabo mocht ik als groepsleerkracht op de basisschool aan de slag. Elk jaar kon ik werken aan de band met de leerlingen van mijn vaste groep. Muziek kon ik inzetten als doel, maar ook als middel. Groepen van 21 tot 33 kwamen voorbij. Ik zag waar de behoeften van de kinderen lagen en maakte er een sport van om daar zo goed mogelijk op in te spelen.
Met één paar handen en een grote groep kon ik maar tot bepaalde hoogte iets doen en toch wilde ik méér. Ik vond regelmatig dat ik de kinderen tekort schoot, hoe hard ik ook werkte. Ondanks de positieve beoordelingen van mijn leidinggevende hakte ik na 8 jaar de knoop door: dit kan en wil ik niet meer zo.

Onderwijsassistent

Met kleine groepjes kinderen werken of individueel en echt passend onderwijs bieden, dát is wat ik wilde. Daarnaast wilde ik meer op de achtergrond werken. Echt tegemoet komen aan de onderwijsbehoeften van kinderen in teamverband geeft mij een goed gevoel.

De stap naar onderwijsassistent is voor mij de juiste geweest. Het geeft mij naast het werk ook de ruimte om te ontwikkelen op het gebied van een ander interesse van mij: vormgeving.